Prospectussen en folders

Eerste prospectus

Eerste prospectus van de paters montfortanen voor het klein seminarie te Voorschoten,
genaamd “Apostolische School H. Montfort”,maar in de praktijk altijd aangeduid met “Beresteyn” ongedateerd maar zeker gebruikt in 1955/1956

image001image002 image003 image004 wat-doe-jij-folder-voor wat-doe-jij-folder-achter

Enige achtergrond bij de vouwfolder “En wat doe jij?“

De fotograaf voor de folder was een zwager van pater Bernard.
De foto’s voor de folder werden nog gemaakt op de Haagse Schouw.

image003

Pater Stams met Cors van de Poel en Peter Hoogland. De foto is duidelijk in scène gezet, want er waren geen verkenners op de Haagse Schouw – de uniformpjes werden geleend!

Zo “klopt”er meer niet in de folder. Piet Lommerse staat bij een bouwproject in Den Haag i.p.v. b.v. in de Congo en van techniek had hij helemaal geen kaas van gegeten terwijl hij een motorfiets probeert te repareren…

Verder staat Nico Schneiders nog op de foto “terwijl hij zijn kicksen aan het strikken is”.

image005

Pater Bernard met (zittend) Louis van Herrewegen en (staand) Harry Ossewijer en Jac Hop

image009

Ton de Groot in de sacristie

image010

Voor deze misfoto poseerde pater Stams

De folder kwam uit in februari 1955 en volgens de kroniekschrijver (Pater Bernard) ondervond ze goede kritiek van Pater Provinciaal en diverse confraters.

Deze folder werd ook geruime tijd bij de werving voor Beresteyn gebruikt. Dat kon omdat er achterop de folder geen echt adres stond. Er stond slechts Apostolische school “H. Montfort“ Voorschoten. De letter H betekende eigenlijk Huize (want de school op de Haagse Schouw heette Huize Montfort) maar kon ook uitgelegd worden als Heilige en zo kon de folder langere tijd mee.

Folder over de benodigde uitrusting

Gezien een correctie op de Prospectus is de folder van na de productie van die prospectus.

image007 image008image009image001image002image003 image004 image005 image006 image007 image008 image009 image010 image011 image012 image013 image014 image015image016 image017


Ouderlijke bijdragen in de kosten

Hier de rekeningen die mijn ouders ontvingen in het eerste jaar van Beresteyn. Er stond nog een bedrag van de Haagsche Schouw.

De nieuwe overste, pater Bokeloh, maakte zich zorgen over de betalingsachterstand en schreef daarover onderstaand briefje.

Van zulke zaken werd je als kind onwetend gehouden. Mijn moeder had alle nota’s bewaard en overhandigde ze mij vele jaren later en eigenlijk heb ik er nu pas – met het oog op deze site – aandacht voor.

Behalve dit kostschoolgeld en overige kosten kwamen er natuurlijk nog de rechtstreekse kosten (zakgeld, vervoer, porto, wasmand, studiematerialen, presentjes, kleding etc). Dit geeft een beeld.

image001image002

Hierbij een notitie van Gijs van den Berg [S1]

image003image004image005image006image007

Naar aanleiding van deze nota’s een reactie van Kees van den Berg [S2]

Alle kwartaalrekeningen opgeteld gaf (los van overige kosten) in 1956 een jaarlijkse ouderlijke bijdrage in het kostgeld te zien van ƒ425 per jaar. Acht jaar later was het kostgeld al aardig gestegen, zoals uit onderstaande brief aan de ouders der leerlingen blijkt (uit de Kronieken)

image008

In de zomer van 1969 werd de ouderlijke bijdrage verhoogd naar f 1800,-
en een jaar later al naar f 2350,-.


[S1] Heel leuk om die omzichtige woorden van pater Bokeloh te lezen. Wat had die man trouwens een mooi handschrift en zijn handtekening is wel een van de mooiste die ik ken. Ik herinner me nog goed met wat voor aandacht hij die handtekening niet plaatste maar echt tekende. Je kunt ook zien dat hij die handtekening in meerdere etappes maakte.

Overigens blijkt uit deze nota’s dat Beresteyn duurder was dan Schimmert. Zelf heb ik geen nota’s van Beresteyn maar nog wel een van Schimmert uit 1961 en daar is het vooruit te betalen kostgeld f 125,-

Uit een email van Gijs van den Berg van 3 maart 2007


[S2] Ik heb naar aanleiding van je bericht de website van Stan Verdult weer eens opgezocht. Ook door jouw bijdragen is dat een  mooi historisch herkenbaar document geworden. Voor mij echt nieuw waren de gegevens over de kosten die onze ouders moesten betalen voor onze opleiding. Pas geleden hoorde ik van een van m’n broers dat het vooral om de inzet van de kinderbijslag ging. Voor kinderen die buitenshuis een opleiding kregen was er een hogere kinderbijslag volgens de wet. Daaraan moest meebetaald worden door de werkgever. De gereformeerde boer waar mijn vader toen werkte weigerde daaraan mee te werken. Mijn broer kan zich nog goed herinneren dat mijn vader toen zijn vakbond “St. Deusdedit” heeft ingeschakeld en dat de vakbondsman die bij ons thuis kwam tegen mijn vader zei “Godverdomme Jan, die gaan we ophangen”.

Uit een e-mail van april 2007 van Kees van den Berg aan Gijs van den Berg